Naar boven

"Dit is mijn paradijs, mijn stukje Suriname in de Bijlmer."

Spike over zijn volkstuintje

 
 

Spike ziet zijn tuintje als zijn stukje Suriname in de Bijlmer. “Ik kom hier tot rust. Hier kan ik mijzelf zijn. Hier ben ik een ander persoon.” Samen met zijn beste vriend Roy onderhoudt hij zijn stukje grond. Hij en Roy kennen elkaar van het werk. Ze werken beiden in flats in Zuidoost. Onderhoud, beheer. Ze raakten op een dag in gesprek en kwamen erachter dat Roy in Suriname de chauffeur was van de opa van Spike. “We leven eigenlijk in een kleine wereld,” merkt Roy op.

Bij beide vrienden gaat het gezicht stralen als je naar Suriname vraagt. Suriname zit in hun harten. Hoewel hun thuis nu in Nederland is, willen ze beiden terug naar Suriname. Het liefst naar de jungle, aldus Spike. “Die natuur moet je gezien hebben. Je wilt niet meer terug. Het is daar zo prachtig.”

Spike heeft het hutje gebouwd van gevonden materiaal. Sloopmateriaal van flats, maar ook grofvuil. Ook de inrichting komt onder andere hiervandaan.

"Door mijn armoedige hutje moet ik aan Suriname denken. Je hebt daar in de jungle veel van dit soort hutjes." - Spike

"Ik heb hier alles was ik nodig heb. Ik kan

hier muziek maken. Ik heb goeie stoelen

en ik kan hier koken." - Spike

Spike is een van de weinigen die het hele jaar door naar zijn tuintje komt. Zelfs in de winter kan hij er Suriname in terugzien. Roy komt  voornamelijk in de warmere maanden. “Als ik dan in mijn hangmat lig, mijn ogen dichtdoe en het verkeer negeer, dan is het net of ik terug ga in de tijd. Terug naar Suriname,” vertelt Roy.

Het leven van Roy is niet makkelijk geweest. Hij verloor zijn zoon die was uitgezonden naar Bosnië. “Hij stierf voor een oorlog die niet de zijne was. Ik ben zo trots op hem, maar zo boos. Dit was zijn oorlog niet, hij had daar niet hoeven sterven.” Ook zijn vrouw is overleden. Haar initialen staan op zijn onderarm.

Roy is half Chinees, half Javaan, afkomstig uit Suriname. Hij vertelt hoe ze

hem in Suriname aan zagen voor dom. “Javanen komen uit de jungle. Die zijn niet opgeleid. Dat is in ieder geval de impressie die mensen hebben in Su. Ik heb uiteindelijk zelf gekozen voor de ‘indiaanse’ opvoeding. Dit houdt in dat ik geleerd heb de natuur te waarderen, samen met de natuur te leven, maar ook om van de natuur te kunnen leven.”

Ook toen hij in Nederland kwam, heeft hij hard moeten werken om zichzelf te bewijzen.

Zoals veel Surinamers draagt ook Roy veel ringen. Elke ring heeft zijn eigen betekenis.

Of hij gelukkig is? Ja. Maar zijn hart gaat pas echt sneller kloppen als het over Suriname gaat.

achtergrond. Als je die niet ziet, is het net of we in Suriname zijn.”

 

Auto’s razen voorbij op de weg achter ons terwijl een vliegtuig laag overkomt. Zijn ogen glanzen van weemoed terwijl hij omhoog kijkt naar een dode boom. Eventjes zijn we inderdaad in Suriname.

Spike ziet het aangrenzende ‘natuurgebiedje’ de Bijlmerweide  als de Surinaamse jungle. Uren sleept hij me mee door de bosjes, van het ene prutmeertje naar het andere prutwatertje, klimmend in bomen en over heuvels dwars door de doornstruiken.

“Dit is toch mooi?? Je moet alleen geen foto’s maken met de flats op de

Regelmatig trekt Spike de Bijlmerweide in. Het natuurgebied, grenzend aan zijn volkstuin bestaat uit een groot weide gebied en een klein bebost stuk. Vooral het bos is favoriet bij Spike.

"Mijn zoon heb ik in Suriname achter moeten laten. Geen echte jongen maar een aapje. Binnenkort ga ik hem weer opzoeken. Ik hoop dat hij mij nog herkent."

- Spike