Naar boven

Paradijs

 
 

"Op deze plek kunnen mensen zichzelf zijn. Vrij zijn."

Met de naam ‘De Vrijbuiters’ is een stukje grond in de Bijlmerweide omgedoopt tot een gebied waar iedereen zijn eigen landje beheert. Hier zetten mensen dit stukje grond om naar zijn of haar eigen ideaalbeeld van hun paradijs. Er wapperen Surinaamse vlaggen, een hek is afgesloten met een naambordje in het Grieks. Er loopt een goed gevoede kat rond, er zoemen bijenkasten en vanachter verschillende hekjes klinkt het gekakel van scharrelende kippen.

Wekelijks verzamelt zich hier een groepje Surinamers. Ze proppen zich allemaal in een klein zelfgemaakt hutje om een blowtje te doen en bij te praten. Al gauw staat het hutje blauw van de rook en wordt er hard gelachen terwijl iedereen druk in het Surinaams praat. “Rook je ook?” vraagt de man naast mij. Nee. Dat doe ik niet. Maakt ook niet uit, dan drink je toch een biertje.

Kan allemaal, want hoewel geloof en spiritualiteit bij velen belangrijk is, hebben ze in dit hutje even helemaal geen gezeik aan hun hoofd.

De Vrijbuiters is voor deze mensen meer dan alleen een tuin. Dit is hun persoonlijke paradijs, hier hebben ze de vrijheid om te doen wat ze willen. En hoewel de Bijlmer bekend staat als een mislukte utopie, creëren de mensen hier op de tuin toch hun eigen Utopia. Iedereen kan hier zichzelf zijn, er zijn maar weinig regels. Als een eigen vrijstaat binnen Nederland. Hoewel de provincie en de gemeente deze plek liever kwijt dan rijk zijn, strijdt een vast groepje tuinders voor het behoud van het paradijs. Velen zijn nog van de eerste generatie Surinamers die naar Nederland kwamen. En hoewel er ook mensen van een andere afkomst op de volkstuin te vinden zijn, is de meerderheid Surinaams. Daarmee is de Vrijbuiters een goede afspiegeling van de samenleving in de Bijlmer.

Beeld: Marcel en zijn hond in het midden. Klik op de foto voor het persoonlijke verhaal van Marcel.

Het belang van de volkstuin wordt mij haarfijn uitgelegd door Marcel, die helpt bij het beheer van de Vrijbuiters. “Deze mensen verdienen een plek om tot rust te komen. Ze zijn jaren geleden door de onafhankelijkheid van Suriname naar Nederland gekomen en hebben hier veelal hard gewerkt voor hun eigen bestaan. Op deze plek kunnen zij zichzelf zijn. Vrij zijn. Ze wanen zich terug  in Suriname. Gun het deze mensen. Ze zijn niemand tot last. Maar willen gewoon zichzelf kunnen zijn buiten de betonnen muren van de Bijlmer om.”

Hoewel de officiële entree aan de kant van de weg zit, gaat iedereen het tuincomplex op via de achterkant, die grenst aan het natuurgebied de Bijlmerweide. Daar is ook het tuintje van Marcel te vinden. Ook wel bekend als 'Rasta' of 'Pinto'.

Marcel zit in het beheer van de Vrijbuiters en woont al sinds de jaren 70 in de Bijlmer. De tuin is zijn zen-plek. Zijn stukje vrijheid in Nederland. Hier gaat hij dagelijks naar toe om tot rust te komen. Vaak gaat zijn hond mee, tenzij het te warm is.

Beeld: Iwan naast zijn zelfgebouwde hutje. Klik op de foto voor het persoonlijke verhaal van Iwan.

In Suriname lopen er volgens hem immers ook overal kippen.

 

Een kip wordt naar mij vernoemd, maar nadat hij uitgebreid heeft omschreven hoe de haan ‘mijn kip’ regelmatig bespringt lijkt hij zich te bedenken en de kip Tamara te noemen. Wat ik zelf ook wel fijn vind. Iwan woont al zo’n 30 jaar in de Bijlmer, maar mist Suriname. Hoewel hij ervan droomt om terug te gaan, wordt het uitvoeren hiervan voor hem bemoeilijkt. Zijn dochters willen niet mee. Voor nu heeft hij dus dit kleine stukje grond met zijn kippen.

Terwijl Marcel kookt op een groot vuur, komt Iwan luid schreeuwend de hoek om fietsen. Hij zit twee tuintjes verderop.

 

“FAWAKA MIJN VRIEND FAWAKA!” Hij komt de kippen eten geven. Dit doet hij elke dag, want de kippen zijn, zijn passie. Elke dag heeft hij een nieuwe whatsappfoto van een van de kippen. Trots poseert hij met de eitjes en maakt hij schaduwselfies met de kippen om zijn voeten. Het tuintje is meer dan een plekje waar hij voor zijn rust komt. Het is zijn Suriname. De kippen zijn net die extra touch.

Beeld: Spike naast zijn zelfgebouwde hutje. Klik op de foto voor het persoonlijke verhaal van Spike.

De grootste fan van dit gebied is Spike. Spike beheert de Vrijbuiters en heeft grootse plannen. Er moeten regels komen, meer handhaving. Mensen mogen hun tuin niet vol leggen met stenen, er moet hier getuinierd worden, niet alleen maar gefeest in de zomer. Ook moeten de stukjes grond opnieuw opgedeeld worden, want niet alles is nu eerlijk verdeeld. Alles om bij de gemeente en de provincie te kunnen aantonen dat deze plek moet blijven bestaan.

Spike is een van de weinigen die het hele jaar door naar zijn tuin gaat. Ook voor hem is deze plek bijzonder. Hier komt hij tot zichzelf. En hoewel hij van de Bijlmer is gaan houden benauwt de betonnen omgeving ook hem.

"Ik word hier soms claustrofobisch. Ik mis de ruimte. In mijn tuintje word ik rustig. Dan ben ik echt mijzelf." 

Samen met zijn beste vriend Roy onderhoudt hij het land.

Beeld: Michael in zijn zelfgebouwde kas. Klik op de foto voor het persoonlijke verhaal van Michael.

Naast Spike ligt het tuintje van Michael. Michael is een van de echt fanatieke tuinders. Hij is zelfs op Zuidoost TV geweest om te vertellen over zijn Surinaamse groentes. Trots laat hij de kas zien die hij zelf heeft gebouwd. Die was nodig om de speciale Surinaamse groentes te kunnen laten groeien. Die groentes zijn volgens hem gewoon veel lekkerder dan de Nederlandse. Samen met zijn broer, Cyrill, onderhoudt hij de tuin. Vaak zijn ze er hele dagen. Na zo'n dag koken ze een

Surinaamse maaltijd op een provisorische kookplaat in het zelfgebouwde huisje. De mensen van drie tuintjes verderop prikken graag een vorkje mee. De broers koken daarom bij voorbaat al in een grote pan. De vrijheid die de plek hen biedt, doet ook hen denken aan vroeger. Vroeger toen ze nog in Suriname woonden. Beide broers willen terug, maar Michael blijft liever in Nederland vanwege zijn familie. Cyrill heeft echter geen kinderen en telt de dagen af tot zijn pensioen. Zijn koffers staan nog net niet klaar.

Amsterdam, de stad waar alles kan. Of, dat zeggen ze. Juist in die stad staat een plek als de Vrijbuiters, een plek waar ook echt alles kan, onder druk: ze moeten mogelijk weg. Een paradijsje voor de tuinders, een doorn in het oog van de provincie. Wat voor de een zijn persoonlijke stukje Suriname is, is voor de ander een ongeordend zooitje.

De Vrijbuiters, onder de rook van Amsterdam Zuidoost, is een kleine community geworden, waar mensen samenkomen om gelukkig te zijn. Zichzelf terug te trekken uit de betonnen wereld van de Bijlmer, en om samen te eten, te tuinieren, een jointje te roken, of biertjes te drinken.